Meterkast

Groepenkast en aardlekschakelaars uitgelegd: zo werkt je meterkast

Je groepenkast zorgt ervoor dat stroom veilig door je huis gaat. Wie begrijpt hoe groepen en aardlekschakelaars werken, snapt ook waarom een warmtepomp of laadpaal soms een aanpassing vraagt.

Inzichten · Meterkast · 7 min leestijd
Groepenkast en aardlekschakelaars uitgelegd: zo werkt je meterkast
In het kort
  • Een groep is een aparte stroomkring met een eigen beveiliging tegen overbelasting en kortsluiting
  • Een aardlekschakelaar beschermt tegen lekstroom en schakelt bij een lek binnen een fractie van een seconde uit
  • Type A is de gangbare standaard; type B (of type A met 6 mA DC-detectie in de laadpaal) is nodig bij laadpalen
  • Grote verbruikers horen op een eigen groep, en alles moet volgens NEN 1010

In bijna elke meterkast hangt een rij schakelaars en knoppen die de meeste mensen alleen aanraken als de stroom is uitgevallen. Dat is je groepenkast. Hij verdeelt de stroom over je huis en beschermt je tegen brand en elektrische schokken.

In dit artikel leggen we uit hoe een groepenkast werkt, wat een aardlekschakelaar doet, wat de verschillende typen betekenen en hoe een moderne groepenkast eruitziet.

Meterkast en groepenkast: wat is wat?

De meterkast is de kast waarin alles zit. De groepenkast is het deel met de schakelaars. Daarnaast zie je in de meterkast de spullen van je netbeheerder: de hoofdzekering en de elektriciteitsmeter. Die zijn niet van jou en daar mag alleen de netbeheerder aan werken.

De stroom komt binnen via de aansluiting, gaat door de hoofdzekering en de meter, en komt dan in je groepenkast. Daar begint jouw deel van de installatie.

Wat is een groep?

Een groep is een aparte stroomkring in je huis. Bijvoorbeeld: alle stopcontacten en lampen in de woonkamer, of alleen de wasmachine. Elke groep heeft een eigen beveiliging, meestal een installatieautomaat.

Een installatieautomaat schakelt de stroom uit als er te veel stroom door de kabel gaat (overbelasting) of bij kortsluiting. Zo voorkomt hij dat kabels te heet worden. In woningen zijn groepen voor gewone stopcontacten meestal met 16 A beveiligd.

Waarom meerdere groepen? Twee redenen:

  • Belasting verdelen. Eén groep kan maar een beperkte hoeveelheid stroom aan. Door apparaten over groepen te verdelen, voorkom je overbelasting.
  • Niet alles tegelijk uit. Valt één groep uit, dan heb je in de rest van het huis gewoon stroom.

In oudere meterkasten zie je in plaats van automaten nog smeltzekeringen: de schroefbare "stoppen", soms in porseleinen houders. Die doen hetzelfde, maar moeten na het doorslaan worden vervangen. Lees meer in meterkast vervangen: deze signalen.

Wat doet een aardlekschakelaar?

Een aardlekschakelaar beschermt tegen iets anders dan een installatieautomaat. Hij meet of alle stroom die een groep in gaat, er ook weer uit komt. Is er een verschil, dan "lekt" er stroom weg, bijvoorbeeld via een defect apparaat of via iemand die iets aanraakt. Dat heet lekstroom.

Bij een lekstroom van 30 milliampère (mA) of meer schakelt de aardlekschakelaar binnen een fractie van een seconde uit. Dat is snel genoeg om in de meeste gevallen ernstig letsel te voorkomen. Een aardlekschakelaar is daarmee een van de belangrijkste veiligheidsvoorzieningen in je huis.

Druk af en toe op de testknop (T) van je aardlekschakelaar. Schakelt hij dan niet uit, laat hem dan controleren door een installateur.

Aardlekschakelaar of aardlekautomaat?

Een aardlekautomaat combineert een aardlekschakelaar en een installatieautomaat in één component, voor één groep. Het voordeel: bij een lek valt alleen die ene groep uit, niet meerdere groepen tegelijk. In nieuwe groepenkasten wordt dat steeds vaker toegepast.

Type AC, A en B: wat is het verschil?

Aardlekschakelaars verschillen in welke soorten lekstroom ze herkennen.

TypeHerkentToepassing
ACLekstroom van gewone wisselstroomOudere installaties; voor moderne apparatuur niet meer voldoende
AWisselstroom én pulserende gelijkstroomDe gangbare standaard in woningen
BOok gladde gelijkstroom (DC)Laadpalen en sommige apparaten met vermogenselektronica

Moderne apparaten met elektronica, zoals omvormers, laadpalen en warmtepompen, kunnen lekstromen veroorzaken die geen zuivere wisselstroom zijn. Een type AC herkent die niet goed. Daarom is type A nu de standaard.

Bij een laadpaal is volgens NEN 1010 bescherming tegen DC-lekstromen nodig. Dat kan met een aardlekschakelaar type B, of met type A in combinatie met 6 mA DC-detectie in de laadpaal zelf. Veel laadpalen hebben die DC-detectie ingebouwd. Meer over laden lees je in laadpaal slim laden.

Hoeveel groepen per aardlekschakelaar?

In veel groepenkasten beschermt één aardlekschakelaar een aantal groepen. Veel mensen kennen de regel maximaal vier groepen per aardlekschakelaar. Die stond in oudere versies van NEN 1010; in de huidige norm is het geen harde grens meer. Het gaat om de totale lekstroom: elk apparaat lekt een klein beetje stroom weg, en tel je te veel groepen bij elkaar op, dan kan de aardlekschakelaar onterecht afslaan. Meer daarover lees je in groep bijplaatsen in de meterkast.

Daarnaast is het verstandig om groepen slim te verdelen over meerdere aardlekschakelaars. Bijvoorbeeld zodat niet alle verlichting of de koelkast en vriezer op dezelfde aardlekschakelaar zitten. Valt er één uit, dan zit je niet in het donker en blijft je vriezer koel.

Eigen groepen voor grote verbruikers

Grote verbruikers vragen veel stroom, vaak een lange tijd achter elkaar. Die horen op een eigen groep, zodat ze niet samen met andere apparaten een groep overbelasten. Denk aan:

  • Inductiekookplaat
  • Laadpaal
  • Warmtepomp
  • Elektrische boiler
  • Zonnepanelen (de omvormer)
  • Thuisbatterij
  • Vaak ook de wasmachine, droger, vaatwasser en oven

Heb je te weinig groepen voor wat je wilt aansluiten, dan moet je groepenkast worden uitgebreid of vervangen. Dat is een stap die veel mensen vergeten; lees daarover de meterkast: de onderschatte stap. Is je aansluiting zelf te licht, dan kan een 3-fase aansluiting nodig zijn.

NEN 1010: de norm voor je installatie

NEN 1010 is de Nederlandse norm voor elektrische installaties met laagspanning, zoals in woningen. Hij beschrijft hoe een installatie veilig moet worden aangelegd: welke beveiligingen, welke kabeldiktes, hoeveel groepen per aardlekschakelaar en welke aardlekbeveiliging bij een laadpaal.

Een installateur die werkt volgens NEN 1010, meet na afloop ook de installatie door. Vraag daarom na werk in je meterkast om een bewijs van die keuring of meting. Het verschil tussen snel en goed werk zit vaak in dit soort details; zie ook waarom je monteur ertoe doet.

Hoe ziet een moderne groepenkast eruit?

Een moderne groepenkast herken je aan:

  • Een hoofdschakelaar waarmee je de hele installatie in één keer uitschakelt.
  • Aardlekbeveiliging voor alle groepen, met aardlekschakelaars type A of aardlekautomaten per groep.
  • Installatieautomaten in plaats van schroefzekeringen.
  • Eigen groepen voor grote verbruikers, duidelijk gelabeld.
  • Ruimte voor uitbreiding, zodat je later een laadpaal, batterij of warmtepomp kunt toevoegen.
  • Een overzicht of groepenverklaring waarop staat welke groep waarvoor is.

Mist jouw groepenkast een of meer van deze punten? Dat hoeft niet direct onveilig te zijn, maar het is een reden om een installateur te laten kijken, zeker als je grote verbruikers wilt toevoegen.

Groepenkast aanpassen met Voltwijk

Voltwijk breidt je groepenkast uit met tot vier extra groepen, optioneel met een aardlekschakelaar type B, inclusief NEN 1010-keuring. Bekijk onze meterkastaanpassing.

Veelgestelde vragen

Wat is het verschil tussen een groep en een aardlekschakelaar?

Een groep is een stroomkring met een eigen beveiliging tegen overbelasting en kortsluiting. Een aardlekschakelaar beschermt tegen lekstroom, bijvoorbeeld als iemand een defect apparaat aanraakt.

Heb ik een aardlekschakelaar type B nodig?

Bij een laadpaal is bescherming tegen DC-lekstromen nodig: een type B, of een type A in combinatie met 6 mA DC-detectie in de laadpaal. Voor gewone groepen is type A de standaard.

Hoeveel groepen mogen op één aardlekschakelaar?

Vroeger gold maximaal vier. In de huidige NEN 1010 is dat geen vaste grens meer: de totale lekstroom van de aangesloten groepen bepaalt hoeveel er op één aardlekschakelaar kunnen. Met aardlekautomaten heeft elke groep zijn eigen aardlekbeveiliging.

Waarom slaat mijn aardlekschakelaar steeds af?

Vaak door een defect apparaat of vocht, soms door een overbelaste of verouderde installatie. Haal apparaten een voor een uit het stopcontact om de oorzaak te vinden, en schakel een installateur in als het blijft gebeuren.

Meterkastaanpassing
Vaste prijs · eigen monteurs · vanaf € 649

Meterkastaanpassing laten installeren?

Plan een gratis adviesgesprek. Je krijgt een offerte met een vaste prijs, inclusief installatie door onze eigen monteurs.

Plan gratis adviesgesprek →📅 Installatie al vanaf

Meer over meterkast

Alle artikelen over meterkast →