Een laadpaal is voor de meeste huizen de grootste verbruiker die er ooit bij komt. Hij vraagt niet kort veel stroom zoals een waterkoker, maar urenlang achter elkaar. Tel daar een warmtepomp, een inductiekookplaat of een boiler bij op, en je aansluiting komt snel aan zijn grens.
Load balancing is de oplossing die daarvoor bedoeld is. In dit artikel lees je hoe het werkt, welke soorten er zijn en waarom het je soms een verzwaring van je aansluiting bespaart.
Eerst: wat is je hoofdzekering?
Elke woning heeft een hoofdzekering: de zekering van de netbeheerder bij je meter. Die bepaalt hoeveel stroom je huis in totaal mag gebruiken. Een standaard aansluiting is vaak 1x35 A (één fase met maximaal 35 ampère) of 3x25 A (drie fasen met elk maximaal 25 ampère).
Vraag je samen meer dan dat, dan slaat de hoofdzekering door en zit je hele huis zonder stroom. Die zekering kun je niet zelf resetten of vervangen; daarvoor moet je netbeheerder langskomen.
Rekenvoorbeeld: waar het krap wordt
Aannames: een aansluiting van 3x25 A en een laadpaal die op 3-fase met 16 A per fase laadt (ongeveer 11 kW). Dan blijft er per fase nog zo'n 9 A over voor de rest van het huis.
Een inductiekookplaat kan bij vol gebruik op één of twee fasen meer dan 9 A vragen. Draait daarnaast de warmtepomp of een elektrische boiler, dan wordt het op een van de fasen al snel te veel. Juist op een koude winteravond, als je thuiskomt, kookt en de auto aan de paal hangt.
Op een 1x35 A-aansluiting is het nog krapper: een laadpaal van 16 A neemt daar bijna de helft van de capaciteit in.
Wat doet load balancing?
Load balancing (ook wel dynamische vermogensregeling) zorgt dat de laadpaal nooit meer stroom vraagt dan er veilig beschikbaar is. Het laadvermogen gaat omlaag als de rest van het huis veel vraagt, en weer omhoog als er ruimte is.
Voor jou betekent dat: de auto laadt soms wat langzamer, maar de hoofdzekering blijft heel. Omdat een auto meestal uren stilstaat, merk je daar in de praktijk weinig van.
Statisch of dynamisch?
Statisch load balancing
Bij statisch load balancing stelt de installateur een vaste maximale stroom in voor de laadpaal. Bijvoorbeeld: nooit meer dan 10 A, wat er ook in huis gebeurt.
- Voordeel: eenvoudig en goedkoop, er is geen meting nodig.
- Nadeel: de grens is altijd laag, ook 's nachts als de rest van het huis bijna niets verbruikt. Je laadt dus onnodig langzaam.
Dynamisch load balancing
Bij dynamisch load balancing meet een systeem continu hoeveel stroom je huis per fase gebruikt. De laadpaal krijgt steeds de ruimte die er op dat moment over is.
- Voordeel: 's nachts laadt de auto op vol vermogen, en bij een piek in huis schakelt hij automatisch terug.
- Nadeel: er is een meting nodig, en dus iets meer installatiewerk.
Houd er rekening mee dat een auto niet onder een bepaalde stroom kan laden, bij de meeste auto's ongeveer 6 A. Is er minder ruimte, dan pauzeert de laadpaal tot er weer genoeg is.
De rol van de meter en de P1-poort
Voor dynamisch load balancing moet de laadpaal weten wat je huis verbruikt. Dat kan op twee manieren.
Via de P1-poort van je slimme meter. De P1-poort is een aansluiting op je slimme meter waar je het actuele verbruik kunt uitlezen. Een klein kastje of de laadpaal zelf leest daar per fase de stroom uit. Recente slimme meters geven die gegevens vaak elke seconde door; oudere meters minder vaak, waardoor de regeling trager reageert.
Via stroomsensoren in de meterkast. Een installateur plaatst sensoren (vaak klemmen om de hoofdkabels) die de stroom per fase meten. Dat werkt ook als je slimme meter niet geschikt is of de P1-poort al door iets anders wordt gebruikt.
Waarom het een zwaardere aansluiting kan voorkomen
Zonder load balancing moet je aansluiting groot genoeg zijn voor het slechtste moment: alles tegelijk aan. Met dynamisch load balancing hoeft dat niet, omdat de laadpaal op zo'n moment terugschakelt.
Dat scheelt op verschillende manieren:
- Een verzwaring via je netbeheerder kost eenmalig geld en soms een hoger vast netbeheertarief. Lees daarover capaciteitstarief en meterkast.
- In gebieden met netcongestie kan een verzwaring lang op zich laten wachten.
- Soms is een 3-fase aansluiting wel nodig, bijvoorbeeld als je echt op 11 kW wilt laden. Hoe dat gaat, lees je in 3-fase aansluiting aanvragen. Of dat voor jouw auto zin heeft, lees je in 1-fase of 3-fase laden.
Eerlijk is eerlijk: load balancing maakt je aansluiting niet groter. Heb je veel grote verbruikers en wil je die allemaal tegelijk op vol vermogen laten draaien, dan kan een verzwaring alsnog de betere keuze zijn.
Combineren met warmtepomp en inductie
Load balancing regelt alleen de laadpaal. De warmtepomp en de kookplaat krijgen gewoon wat ze vragen; de auto wijkt. Dat is ook logisch, want koken of verwarmen kan niet wachten, laden meestal wel.
Wil je meer apparaten slim op elkaar afstemmen, bijvoorbeeld laden op zonnestroom of in goedkope uren, dan kom je bij slim laden en een energiemanagementsysteem. Load balancing is dan de veiligheidsgrens eronder.
Veiligheid: wat load balancing niet doet
Load balancing beschermt je hoofdzekering tegen overbelasting. Het is geen vervanging van de beveiliging in je meterkast. Daarvoor gelden de regels van NEN 1010:
- De laadpaal krijgt een eigen groep in de meterkast, net als andere grote verbruikers.
- Er is aardlekbeveiliging nodig die ook beschermt tegen gelijkstroomlekstromen (DC). Dat kan met een aardlekschakelaar type B, of met type A in combinatie met 6 mA DC-detectie in de laadpaal.
Wat die aardlekschakelaars precies doen, lees je in groepenkast en aardlekschakelaars uitgelegd. Moet je groepenkast worden uitgebreid, kijk dan ook naar onze meterkastaanpassing.
Hoe Voltwijk helpt
Onze monteurs kijken bij het plaatsen van een laadpaal naar je aansluiting en je andere verbruikers, en stellen load balancing zo in dat je hoofdzekering niet overbelast raakt. Daarbij werken ze volgens NEN 1010.
